|
Zo werken wij.
In
orthodontiepraktijk Tiel gebruiken we de laatste technieken en
inzichten om de patiënten zo goed, efficiënt en kort als mogelijk
te behandelen. Dat doen we uiteraard zonder concessies te doen aan het eindresultaat of
de stabiliteit. Zo is de behandeltijd korter en zijn er minder
controleafspraken nodig.
Om dat te bereiken
- letten we erg op de timing van de behandeling
- plannen de volgorde van
oplossen van afwijkingen,
- houden voortgang van behandeling scherp in de gaten,
- moet de patiënt 'huiswerk' (bijv. dragen van elastieken tussen
onder- en bovenbeugel) goed
opvolgen
- en werken we met beugels met zeer lage wrijvingsweerstand
waarbij het gebit zo natuurlijk mogelijk in de juiste positie kan
glijden.

Zo wordt er in geval van een vaste beugel tegenwoordig
over het algemeen gewerkt met de minder zichtbare witte brackets/
'plakkertjes'. Behalve het aangenamere uiterlijk blijkt dit
materiaal ook 6 keer minder wrijvingsweerstand te hebben in
vergelijking met metaal. Bovendien zijn de vaste beugels zelf-ligerend
(voor uitleg over 'zelf-ligerend' klik
hier)
waardoor verschuiven van tanden en kiezen nog minder weerstand
ondervindt, sneller gaat en het uitnemen van de draden en weer
terugplaatsen relatief eenvoudig gaat. Een ander voordeel van
het zelf-ligerende systeem is dat de beugel beter schoon te houden
is.
Kortere
behandeltijd en minder controleafspraken heeft een aantal
voordelen, zoals
- eerder klaar met de behandeling
- minder verzuim op school of werk, minder reistijd,
- beter behoud van motivatie en mondhygiëne en
- lagere kosten.
Meer informatie
over de techniek in Tiel.
Soms is het mogelijk
om een vaste beugel aan de binnenzijde (aan de kant van de tong in
plaats van aan de kant van wangen en lippen) van de tanden en
kiezen te plaatsen
(zogenaamde 'linguale orthodontie').
De vaste
beugel is dan volledig onzichtbaar.

Waarschuwing voor verzekeraars met ongunstige
vergoedingen orthodontie
Wij zijn van mening dat de
klanten van de zorgverzekeraars die een maximumvergoedingenlijst hanteren
adequaat geïnformeerd dienen te worden. Deze zorgverzekeraars doen dit
niet zelf. Probeert u maar eens als consument op het internet duidelijke
informatie over de vergoeding voor orthodontie boven water te krijgen.
Wij zullen het informeren
van onze patiënten dus zelf voor onze rekening moeten nemen.
Kijk uit met onderstaande
verzekeraars:
Agis
Avéro Achmea
CZ
CZ-direct
De Friesland
Delta Lloyd
DVZ
FBTO
IAK
Interpolis
Kruidvat
Lancyr
OHRA
OZF
Pro Life
Take Care Now
Zilveren Kruis Achmea
Bovenstaande verzekeringsmaatschappijen gaan in 2012 vergoedingenlijsten
hanteren met een maximumtarief per prestatie. Als de orthodontist andere
prijzen hanteert kunt u dus slecht af zijn: de verzekeraar kijkt namelijk
eerst welk bedrag het laagst is: het door hen vastgestelde maximumbedrag
òf het daadwerkelijk gedeclareerde bedrag. Op het laagste bedrag wordt
vervolgens de vergoeding gebaseerd.
Voorbeeld: in uw polis
staat dat u 80% vergoed krijgt. Uw orthodontist stuurt u twee rekeningen
van totaal 100 euro:
1. een rekening van 70
euro; maximumprijs verzekeraar 50 euro, u krijgt 80% van 50 euro = 40
euro.
2. een rekening van 30 euro; maximumprijs verzekeraar 50 euro, u krijgt
80% van 30 euro = 24 euro.
U verwacht natuurlijk dat u
80 euro terugkrijgt van uw verzekeraar, maar u krijgt slechts 64 euro
vergoed.
Zo krijgt u veel minder
vergoed dan het beloofde percentage!
Wij raden u aan de kleine
lettertjes zeer goed te lezen als u verzekerd bent bij een van
bovenstaande verzekeringsmaatschappijen.
Opzeggen van een
ongunstige polis kan tot 31 december. Daarna heeft u tot 1 februari de
tijd om een nieuwe af te sluiten.
Maatschappijen met polissen
met goede dekking zijn er ook; ondermeer:
Aevitae: Top, VIP ONVZ:
Optifit, Superfit, Topfit Univé / VGZ: Tandheelkunde best Zorg en
Zekerheid: AV-totaal
Oratie bij de inhuldiging
van
prof. Dr. Y. Ren
Of geneeskunde ook
een wetenschap is zou een filosofische vraag kunnen blijven.
Niettemin hebben wetenschappelijke ontwikkelingen vrijwel ieder
element in de geneeskunde gerevolutionaliseerd, daarbij de
tandheelkunde inbegrepen.
Precies 100 jaar geleden
heeft Edward Angle vaste orthodontische apparatuur geïntroduceerd en hij
heeft daarmee de orthodontie als eerste tandheelkundig specialisme vorm
gegeven. In 100 jaar is de orthodontie tot volle wasdom gekomen.
Vooruitkijkend naar alle uitdagingen en kansen, is het nu tijd voor enige
reflectie over datgene wat de wetenschap, in bredere zin, voor onze
professie heeft betekend en te analyseren hoe de kloof is die mogelijk nog
bestaat tussen de wetenschap en de orthodontische praktijk. En tenslotte,
hoe wij die wetenschappelijke verworvenheden nog meer ten goede kunnen
laten komen aan de orthodontische praktijk.
Het is duidelijk dat de
wetenschappelijke grondslag in onze apparatuur en tools is terug te
vinden, maar dat wij niet altijd gezonde, op grond van wetenschappelijk te
verantwoorden, klinische richtlijnen voor de praktijk tot onze beschikking
hebben. Als we ons niet inspannen om zulke richtlijnen te ontwikkelen,
zullen de tools die we gebruiken - de industrie en de technologie - onze
besluitvorming overnemen en zal de positie van de orthodontie als
specialisme worden verzwakt en beschadigd.
Om de wetenschap steviger
in de orthodontie te verankeren moeten verschillende maatregelen worden
genomen:
- Er moet een bonus staan
op de kwaliteit van het onderzoek, het openstaan voor klinische innovaties
en het doorvoeren van klinische toepassingen van onderzoeksuitkomsten. Het
betreft kwaliteitsindicatoren die zwaarwegend moeten zijn binnen de
accreditatiesystemen, die gebruikt worden bij visitatie van universitaire
afdelingen en specialistenopleidingen.
- Het volgen van
gestructureerd post-academisch onderwijs voor de orthodontisten moet
worden verplicht en bij de accreditatie van orthodontische praktijken
worden betrokken;
- Richtlijnen en
protocollen voor de orthodontische praktijk moeten worden ontwikkeld en
geaccordeerd door de beroepsvereniging. De universitaire centra behoren
een voortrekkersrol hierin te nemen. Immers daar wordt de wetenschap en de
klinische praktijk geïntegreerd beoefend. Bron: Rijksuniversiteit
Groningen 20 januari 2009
|
|
|